Vrouwe van Stavoren Vrouwe van Stavoren
Hotel Restaurant Serre

Reserveer online

Historie van Stavoren

Gelegen op een vooruitspringende hoek in het zuidwesten van Friesland, is Stavoren ontstaan aan de mond van een watertje, waarvan de Delft, de middengracht en eertijds ook de haven, de laatste resten zijn. Het oudste gedeelte van de kern is te vinden in het hoger gelegen stadsgedeelte bij de Smidstraat. Vroeger stond hier de Noorderpoort. De bebouwing strekte zich zuidwaarts uit tot bij de latere Zuiderpoort en westwaarts tot wat nu het IJsselmeer is.

Het stadsrecht van Stavoren stamt uit de tijd van Heinrich V die in 1118 de stad Stavoren haar rechten gaf (Encyclopedie Friesland). Rond de 1200 dreef de stad handel op de Oostzee en de Rijn. Vanuit Stavoren gingen de schepen naar Zweden, Noorwegen, Engeland en Holland. De stad werd in 1385 lid van de Hanze. Na de legendarische bloeiperiode en de achteruitgang in de latere Middeleeuwen, kende Stavoren in de 17de en 18de eeuw een redelijke welvaart door de zeevaart en ook als havenstad. Tegen 1800 hield de handel over zee voor Stavoren op en de stad behield alleen de oversteek naar Enkhuizen, die in 1963 kon blijven voortbestaan dankzij de spoorlijn.


Copyright © Hotel de Vrouwe van Stavoren 

Het kaartje uit de Kleine Schotanus Atlas (kaart hierboven) dateert uit 1664. In die tijd was de stad omgeven dor bastions. Er woonden toen ongeveer 1600 mensen binnen de wallen. Stavoren was toen al geen handelsstad meer, al werd er nog wel handel gedreven met de rest van Friesland. Via Molkwerum en Warns gingen de dijkwegen diep het achterland in. In de grote huizen langs de Delft woonden de kooplui, maar nog meer schippers en stuurlui. Ook woonden er in die tijd boeren binnen de wallen. Dit blijkt uit de speciaal voor hen gemaakte en nog steeds bestaande "Koebrug". Het omliggende landelijke gebied werd toen nog niet bewoond.

In de 19de eeuw veranderde de oude structuur belangrijk door de aanleg van de spoorlijn, het station en de spoorweghaven voor de belangrijke veerdienst op Enkhuizen. Later is door de bouw van het Johan Frisogemaal een groot deel van de havenactiviteiten naar het zuiden verplaatst. Op een kaart uit de Atlas van Schotanus (1718) is Stavoren aan de Zuyderzee mooi te herkennen. Uit een vergelijk met het topografische kaart uit 1992-1994 blijkt dat het waterverloop nog steeds ongewijzigd is.